Katholiek Bommelerwaard

Alem • Ammerzoden • Hedel • Heerewaarden • Hurwenen • Kerkdriel • Rossum • Velddriel • Zaltbommel








Delen:
meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook
Volgen:
link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten volg Katholiek Bommelerwaard op Twitter volg Katholiek Bommelerwaard op Facebook

Wat is een diaken nou precies?

gepubliceerd: zaterdag, 10 januari 2015
foto: Wim Koopman
Diaken Peter de Snoo tijdens de viering op 3 januari 2015
Diaken Peter de Snoo tijdens de viering op 3 januari 2015

Onze parochie mag zichzelf gelukkig prijzen met de aan­stel­ling van diaken Peter de Snoo. Maar wat is nou een diaken en wat doet hij allemaal?

Diaken

Het woord diaken komt van het Grieks ‘diakonos’ wat ‘dienaar’ betekent. De instelling van het diaconaat staat in het boek Handelingen van de Apostelen (hoofdstuk 6) be­schre­ven. De apostelen kozen onder gebed zeven mannen uit die hen moesten bijstaan in de zorg voor de armen. Een diaken wordt gewijd door gebed en hand­oplegging van de bisschop, en is de laagste van de drie wijdingsgraden: bisschop, priester, diaken.

De Kerk kent permanent en transeunt diakens. Mannen die permanent diaken willen worden volgen een vijf­jarige (deeltijd)­opleiding, in ons bisdom op het Sint-Jans­cen­trum vlakbij de kathedraal van ’s-Her­to­gen­bosch. Aan het einde van het vijfde jaar wordt de kandidaat Deo Volente diaken gewijd door de bisschop en ontvangt hij een aan­stel­ling in een parochie. De permanent diaken oefent zijn ambt vaak uit naast zijn reguliere baan.

Taken

De diaken staat de priester bij in de viering van de eucha­ris­tie, hij reikt de communie uit (hij is naast de priester de gewone bedienaar van de H. Communie, zoals we dat in de Kerk noemen), assisteert bij een huwelijk en zegent het in, hij doopt, hij leest de evangelie­tekst tijdens de Mis en kan gevraagd worden om te preken en hij leidt kerkelijke uitvaarten.

Een diaken werkt dus nauw samen met de priester. Ze vullen elkaar aan, ieder vanuit zijn eigen roeping en verant­woorde­lijk­heid. Diakens zijn ook actief buiten de liturgie op het gebied van diaconie. Daar vallen veelal onder: jongeren- en ouderen­pastoraat, zieken­bezoek, stervens­begeleiding, huwelijk- en doop­voor­bereiding, missie en caritas. Juist op deze gebieden, waar de parochie vaak niet of onvoldoende aan toe komt, ligt een belangrijke taak voor de diaken.

Kleding

Links een kazuifel van de diaken - rechts een kazuifel van de priester
Dalmatiek van de diaken en kazuifel van de priester

De diaken draagt zijn stola diagonaal, over zijn linker schouder. De priester en bisschop dragen hun stola over beide schouders, recht naar beneden. Ook aan de liturgische gewaden kun je de diaken en de priester herkennen: de dalmatiek van een diaken toont vaak de letter H met een hoge verbindingsstreep; het kazuifel van een priester toont vaak een kruis met armen die omhoog wijzen.

Een diaken mag net zoals een priester een boordje dragen, zowel wanneer hij in functie is als in het dagelijks leven. In de praktijk wordt dat niet zo vaak gedaan.

Permanent diaken

De vergadering van het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) heeft het permanente diaconaat opnieuw ingevoerd voor gehuwde mannen van rijpere leeftijd.

Transeunt diaken

Meestal een jaar voor de priester­wijding, wordt de priester­student tot diaken gewijd. Een diaken in afwachting van zijn priester­wijding wordt ‘transeunt diaken’ (overgangs­diaken) genoemd.

 

Hiërarchie van de Kerk

De rooms-katho­lie­ke Kerk kent vele ambten en functies. Hieronder geven we een ruim maar niet volledig overzicht. De volgorde is niet een hiërarchische volgorde. Voor veel ambten is een wijding nodig, maar niet voor alle.

Paus

De paus staat aan het hoofd van de Kerk. De paus is de opvolger van Petrus en bisschop van Rome. De paus wordt gekozen door de kardinalen tijdens een conclaaf. De paus draagt meestal witte kleding en een witte solideo - ‘alleen voor God’ op zijn hoofd. In de volksmond wordt het ook wel ‘keppeltje’ of ‘kalotje’ genoemd.

Kardinaal

Solideo's van priester, bisschop, kardinaal en paus
Solideo’s van priester, bisschop, kardinaal en paus

Na de paus is er een college van kardinalen. Deze kardinalen worden gecreëerd door de paus tijdens een consistorie. Kardinalen jonger dan 80 jaar oud kiezen een nieuwe paus wanneer de paus overlijdt of aftreedt. In Nederland hebben we kardinaal Eijk en emeritus kardinaal Simonis. Kardinalen dragen een rode solideo op hun hoofd.

Aarts­bis­schop

Een aarts­bis­schop is doorgaans het hoofd van een aartsbisdom en de voornaamste bisschop binnen een kerkprovincie. In Nederland is Bisdom Utrecht het Aartsbisdom en kardinaal Eijk is tevens aarts­bis­schop. Er bestaan ook titulaire aarts­bis­schoppen; dit zijn aarts­bis­schoppen van niet meer bestaande aartsbisdommen.

Bisschop

Aan het hoofd van een bisdom staat een bisschop, eventueel bijgestaan door een of meer hulp­bis­schoppen. Mgr. Hurkmans is bisschop van ons bisdom ’s-Her­to­gen­bosch. Een hulp­bis­schop is altijd titulair bisschop van een niet meer bestaand bisdom. Mgr. Mutsaerts is hulp­bis­schop en titulair bischop van bisdom Uccula (Noord-Afrika).

Een bisschop is een priester die wordt gewijd door een bisschop waarbij er twee mee-wijdende bis­schop­pen zijn. Bisschop is afgeleid van het Griekse episkopos: opzichter/opziener. Bis­schop­pen dragen een paarse solideo op hun hoofd.

Vicaris

De naam ‘vicaris’ komt van het Latijn ‘vicarius’, wat ‘plaatsvervanger’ betekent. In de katho­lie­ke Kerk staan een of meerdere vicarissen de bisschop bij in het bestuur van het bisdom. Voor sommige zaken heeft hij een volmacht nodig van de bisschop. Een vicaris moet priester zijn, minstens dertig jaar en kennis van of een graad in theologie of canoniek recht hebben.

De vicaris-generaal is de plaatsvervanger van de bisschop en heeft de dagelijkse leiding over het bestuurs­ap­pa­raat van een bisdom. Waar­ne­mend pastoor Van den Hout van onze Franciscus­parochie is tevens vicaris-generaal van Bisdom ’s-Her­to­gen­bosch. Een hulp­bis­schop staat in de kerkelijke hiërarchie hoger dan een vicaris-generaal.

Priester

Priesterwijding van Stefan Schevers op 6 juni 2009
Priester­wijding van Stefan Schevers
op 6 juni 2009

Een priester is een gewijde bedienaar van de Kerk. De priester wordt gewijd door de bisschop. De priester die aan het hoofd staat van een parochie, wordt pastoor genoemd. De pastoor van een kathedraal wordt plebaan genoemd. De priesters die naast de pastoor zijn aangesteld in een parochie worden doorgaans kape­laan genoemd of pastor.

Een priester die lid is van een orde of con­gre­ga­tie wordt pater genoemd - pater Bertus Bus is minderbroeder-capucijn. Een priester die geen lid is van een orde of con­gre­ga­tie wordt ook wel wereldheer genoemd.

Priesters kunnen een zwarte solideo op hun hoofd dragen, maar dat wordt bijna niet meer gedaan.

Diaken

De diaken is een gewijde dienaar van de Kerk met specifieke taken. De diaken kan het sacrament van het Doopsel toedienen, een huwelijk inzegenen en een uitvaart verzorgen. Tevens kan de diaken de priester assisteren bij de Eucha­ris­tie­vie­ring.

Een getrouwde man kan wel permanent diaken worden, maar een permanent diaken kan niet (opnieuw) in het huwelijk treden. De permanent diaken oefent zijn ambt vaak uit naast zijn reguliere baan.

Lector

Het woord lector komt van de Latijnse woord ‘legere’ = lezen. Dus een lector is ‘degene die leest’. In de katho­lie­ke Kerk is de lector een leek die in de kerk leest tijdens de Mis: de eerste en tweede lezing, de psalm, het alleluia en de voorbeden en hij/zij kan ook de mededelingen doen.

Er is ook een officiële aan­stel­ling tot lector. De aan­stel­ling tot lector vormt de eerste stap op de weg van de diaken- en priester­stu­dent. De liturgische plechtigheid vindt plaats tijdens een Eucha­ris­tie­vie­ring. Net als bij een wijding wordt de kandidaat bij naam geroepen, waarop deze antwoordt: “Ja, hier ben ik.”

Acoliet

Een acoliet is een mannelijke misdienaar die een aan­stel­ling heeft ontvangen van een bisschop. De naam ‘acoliet’ wordt in de volksmond ook gebruikt voor een oudere misdienaar, deze hoeft niet door een bisschop aangesteld te zijn. Men kan ook tijdelijk tot acoliet aangesteld worden door een priester om mee te helpen bij het communie-uitreiken in een bepaalde viering (hij of zij is dan buitengewoon bedienaar van de H. Communie).

Misdienaar

De misdienaar helpt de priester bij de Eucha­ris­tie­vie­ring. Hij draagt de kaars tijdens de intrede, staat naast de priester of diaken tijdens de Evangelielezing, draagt de kelk naar het altaar, geeft water en wijn aan en helpt bij de handwassing. De misdienaar wordt in principe gevraagd door de pastoor van een parochie.

Pastoraal mede­wer­ker

Een pastoraal mede­wer­ker is een door de bisschop aangestelde leek die een theologische opleiding heeft genoten voor het pastoraat. Een pastoraal mede­wer­ker is meestal actief in een parochie voor het dagelijks beheer van de parochie. Een pastoraal mede­wer­ker is wel benoemd en gezonden maar ontvangt geen wijding.

Catecheet

Een catecheet is een door de bisschop aangestelde leek die hiertoe een opleiding heeft genoten. Een catecheet heeft een belangrijke taak bij het verbreiden en verdiepen van het geloof.

Religieuzen

Een broeder of zuster is een man respectievelijk vrouw die de kloostergeloften van armoede, zuiverheid en gehoorzaamheid heeft afgelegd. Deze mannen en vrouwen leiden een religieus leven van gebed en arbeid (ora et labora).

Zuster Birgittines
Zuster in het con­tem­pla­tieve Birgittinessen­klooster in Uden

Er zijn con­tem­pla­tieve religieuzen (monialen) die binnen een klooster wonen en zich van de buitenwereld afgesloten hebben. Waarom doen ze dat? Hun diepste motivatie is uit liefde voor Jezus Christus, Hij heeft hen tot zich getrokken als bruid; ze bidden voor de Kerk en de wereld. Een voorbeeld van een con­tem­pla­tief klooster is de abdij van de Zusters Birgittinessen in Uden.

Andere religieuzen zijn actief vanuit hun con­gre­ga­tie in de gezondheidszorg, het onderwijs, de ziekenzorg, het missiewerk of andere sociale taken waarin hun con­gre­ga­tie gespecialiseerd is. Religieuzen dragen een habijt en zusters ook een sluier.

Bij het intreden in het klooster worden de volgende fasen herkend:

  • Aspirant: weder­zijdse kennis­ma­king in het klooster
  • Postulaat (ten minste 1 jaar)
  • Noviciaat (ten minste 2 jaar)
  • Tijdelijke professie (meerdere jaren)
  • Eeuwige professie

Aan het hoofd van een klooster staat de abt (mannelijk) of de abdis (vrouwelijk).





 

 

Home

Nieuws

Agenda

Contact

Ik wil

 

Mijn kindje laten dopen
De Eerste H. Communie
Het H. Vormsel
Trouwen
Biechten
Ziekencommunie
Ziekenzalving
Uitvaart regelen
Misintentie opgeven
Meehelpen in de parochie
Inschrijven in de parochie
Adreswijziging doorgeven
Doneren
Een kerk gebruiken

Ik zoek

 

Adressen
Jeugdactiviteiten
Gezinsviering
Parochieblad
Kinderpagina
Catechese
Alphacursus
Koor
Begraafplaats
Misboekje
Op Trefwoord

Vieringen

 

Alle vieringen
Alem
Ammerzoden
Hedel
Kerkdriel
Rossum
Velddriel
Zaltbommel
Doopvieringen
Eerste H. Communie
Vormselvieringen
Ouderenvieringen
Oecum. vieringen
Intenties
Vaste vieringen

Sacrament

 

Doop
Eerste H. Communie
Vormsel
Biecht
Huwelijk
Ziekenzalving
Uitvaart

Algemeen

 

Geschiedenis
Franciscus
Pastoraal team
Bestuur
Pastoraatsgroep
Parochieblad
Adressen
Documenten
Tarieven
Veelgestelde vragen
Links
Sociale media
Privacy
Disclaimer